Wat betekent de nieuwe conventie voor uw praktijk?

Op 21 december bereikten de partners binnen de Medicomut een nieuwe conventie voor de volgende twee jaar. De Alliantie Artsenbelang-Domus Medica (AADM) heeft tijdens deze onderhandelingen sterk aangedrongen op een langetermijnvisie. Deze visie vertaalt zich voor de huisartsen in een aantal doelgerichte maatregelen.

De eerste maatregel, die we hier toelichten, is de integratie van het GMD+ en de versterking van het GMD. Dat er geen indexatie komt, zoals bij de andere lonen en wedden, lichten we hier ook even toe.

Deze pagina wordt regelmatig geüpdatet, met o.a. meer informatie uit de nieuwe conventie over de wachtposten, de telematicapremie, de premie voor Sumehrs en andere praktijktoelagen, en de accreditering.

In het najaar 2015 was er sprake van de bevriezing van de wachtpostbudgetten en het stilvallen van enkele lopende projecten. Hierop wordt teruggekomen in het nieuwe conventieakkoord onder een aantal voorwaarden.

Ontvriezing 4,95 miljoen, onder voorwaarden

Van de bevroren 10 miljoen in 2015 wordt in het conventieakkoord 2016-2017 ongeveer de helft terug vrij gegeven voor de verdere ontwikkeling van lopende projecten, maar ook voor nieuwe initiatieven. Huisartsenkringen kunnen dus opnieuw projecten uitwerken.

Voorwaarde is wel dat de standaardisatieregels worden herbekeken, met meer oog voor kostenefficiëntie en eenvormigheid van werken bij alle projecten. De werkgroep huisartsenwachtposten zal deze standaardisatie verder onder de loep nemen. Verder wil het Riziv een onafhankelijke audit laten uitvoeren van de huidige wachtposten.

Tegen 31 maart 2016 worden een aantal basisregels vastgelegd voor de nieuwe projecten en bestaande wachtposten, waaronder:

  • een afsprakenplan tussen wachtpost/kring en ziekenhuis/spoed
  • openingstijden van minstens 61 uur
  • voldoende dekking
  • voldoen aan nieuwe standaardisatieregels

Geïntegreerd model niet-planbare zorg

Er wordt naar gestreefd om binnen de vijf jaar een landelijk model te ontwikkelen rond niet-planbare zorg. Dit houdt onder meer triage in, hoe de concrete samenwerking tussen wachtposten/wachtdiensten en spoed verloopt, en hoe de aansluiting op een centraal oproepnummer (1733) dient te gebeuren. Een task force wordt opgericht om dit model vorm te geven en bevat vertegenwoordigers van de Nationale Commissie geneesheren-ziekenfondsen, wachtposten/huisartsenkringen, ziekenhuizen, urgentieartsen en overheid.

Verderzetting van de heroriëntering van de beschikbaarheidshonoraria

In het vorige akkoord stond reeds de aanzet om het systeem van beschikbaarheidshonoraria te herbekijken. Deze oefening wordt doorgezet om vanaf 2017 tot een nieuw systeem te komen.
In tegenstelling tot het vorige akkoord kunnen de vrijgekomen middelen in principe worden ingezet om de financiering van de eerstelijnszorg buiten de kantooruren in het algemeen te versterken.

Domus Medica gaat verder overleg aan

Ondanks de afspraken die in de conventie zijn vastgelegd rond niet-planbare zorg, blijven er voorlopig nog een aantal onduidelijkheden die verder moeten worden uitgewerkt. Domus Medica, AADM en Wachtposten Vlaanderen blijven dit belangrijke dossier verder opvolgen.

We blijven verder waken dat de huisartsen en huisartsenkringen voldoende inspraak hebben in de verdere ontwikkeling van het model niet-planbare zorg, dat ook oog dient te hebben voor lokale haalbaarheid.

In het conventieakkoord 2016-2017 is gekozen voor een stapsgewijze integratie van de praktijktoelage en de telematicapremie. Deze geïntegreerde premie is substantieel verhoogd ten opzichte van 2015.

Naast een vast bedrag wordt ook een variabel bedrag ingevoerd volgens het effectieve gebruik van telematica. Dit effectieve gebruik wordt beoordeeld op basis van de volgende zes parameters: recip-e, aanvragen hoofdstuk IV, elektronische facturatie, informed consent, opladen Sumehrs en elektronisch beheer GMD. De minimumnorm voor elke parameter wordt in het voorjaar van 2016 bepaald.

De premie voor het opladen van Sumehrs blijft in het nieuwe conventieakkoord bestaan en kan bij de geïntegreerde premie worden bijgeteld.

Berekening telematicapremie en praktijktoelage
  • Minimumbedrag voor de geïntegreerde premie = 1500 euro.
  • Bij realisatie van 3 parameters in 2016 = 3400 euro (4 parameters in 2017)
  • Bij realisatie van 5 parameters in 2016 = 4550 euro (6 parameters in 2017)
  • + deze bedragen worden verhoogd met 500 euro wanneer voor minstens 200 patiënten Sumehrs worden opgeladen (400 patiënten in 2017)

Voorbeeld 1

U bent een huisarts die voldoet aan de huidige voorwaarden van de praktijktoelage en u haalt de minimumactiviteit, maar u heeft geen gehomologeerd softwarepakket.

U kunt het minimumbedrag van 1500 euro aanvragen in 2016.

Voorbeeld 2

U bent een huisarts die voldoet aan de huidige voorwaarden van de praktijktoelage, u haalt de minimumactiviteit en u heeft een gehomologeerd softwarepakket en. In 2016 voldoet u aan 3 parameters, maar u laadt geen Sumehrs op.

U kunt een bedrag van 3400 euro aanvragen in 2016. Dit is een stijging van ongeveer 910 euro (2015 = 2490,14 euro) ten opzichte van 2015.

Voorbeeld 3

U bent een huisarts die voldoet aan de huidige voorwaarden van de praktijktoelage, u haalt de minimumactiviteit en u heeft een gehomologeerd softwarepakket. In 2016 voldoet u aan 5 parameters en u laadt 200 Sumehrs op.

U kunt een bedrag aanvragen van 4550 euro + 500 euro = 5050 euro in 2016. Dit is een stijging van ongeveer 70% (2015 = 2990,14 euro) ten opzichte van 2015.

Om verder te bouwen aan een kwalitatief GMD werd in het nieuwe conventieakkoord 2016-2017 het GMD+ geïntegreerd in het GMD. Reden van de integratie van het GMD+ in het GMD is het feit dat het GMD+ maar beperkt gebruikt werd en aangerekend in de voorziene doelgroep. Het is bovendien een erkenning dat preventie essentieel is in de dagelijkse zorg van de huisarts voor zijn patiënt.

Het GMD krijgt met onmiddellijke ingang een uitbreiding voor de patiënten met het statuut chronisch zieke in de leeftijdscategorie 45-74 jaar. Hiervoor wordt vanaf 1 januari 2016 een stijging van € 30 naar € 55 euro gerealiseerd.
Het koninklijk besluit omtrent het GMD+ eindigde op 31/12/2015 en werd niet verlengd. De nomenclatuurnummers 102395, 103272, 103294 kunnen vanaf 01/01/2016 niet meer gebruikt worden door de huisartsen.

Hoe gaat u praktisch te werk?

  1. In het eerste semester van 2016 rekent u zoals bij iedereen een GMD van € 30 aan. De verzekeringsinstellingen zullen alle GMD’s in het tweede semester van 2016 nakijken en bij een patiënt met statuut chronische zieke in de leeftijdscategorie 45-74 jaar een extra € 25 storten aan de GMD-houdende arts.
  2. Vanaf 1 juli 2016 kunt u bij het nagaan van de verzekerbaarheid via Mycarenet ook het statuut ‘chronisch zieke’ zien en kunt u direct € 55 aanrekenen.
    De verhoging van het GMD houdt een budgetverhoging van € 9,136 miljoen in, deels gefinancierd door het vrijgekomen budget GMD+ van € 6,5 miljoen en deels door een extra budget voor de huisartsen van € 2,636 miljoen.

Indexatie

Nog voor de onderhandelingen omtrent een nieuw conventieakkoord besliste de regering om zoals bij de andere wedden en lonen geen indexatie toe te kennen aan de honoraria van verschillende beroepsgroepen (tandartsen, verpleegkundigen, artsen,…). Dit levert voor de overheid een besparing van € 86 miljoen op. Voor de artsen en specialisten houdt dit een inspanning van € 48,8 miljoen in.
Praktisch betekent dit dat men als geconventioneerde arts verder werkt met de tarieven zoals die in 2015 gebruikt werden.

Ander nieuws

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4