van den Hombergh P, Schalk-Soekar S, Kramer A, et al. Are family practice trainers and their host practices any better? Comparing practice trainers and nontrainers and their practices. BMC Family Practice 2013;14:23. www.biomedcentral.com/1471-2296/14/23

Volgens een recent onderzoek in Nederland scoren huisartsen-praktijkopleiders en opleidingspraktijken beter dan gemiddeld op diagnostische en therapeutische kwaliteit, management, teamvaardigheden en praktijkorganisatie, interne kwaliteitszorg, werkvoldoening en werkstress.

In dit onderzoek werden 88 nietopleidingspraktijken vergeleken met 115 huisartsopleidingspraktijken (335 niet-opleiders versus 177 huisartspraktijkopleiders) op 369 items van de Visit Instrument Practice Organizationvragenlijst die alle items bevat van de internationaal gevalideerde European Practice Assessment (EPA).

De praktijkopleiders en de opleidingspraktijken scoorden beter op alle items met uitzondering van het gebruik van de UV-lamp bij oogdiagnostiek.

Ook na correctie voor enkele vergelijkingselementen uit de steekproef behaalden de praktijkopleiders een significant positievere score op het gebied van het gebruik van diagnostische instrumenten, technische vaardigheden, het aantal consultaties, huisbezoeken en telefooncontacten, en voor het gebruik van video-opnames van consultaties. Ook op het gebied van jobsatisfactie en engagement scoorden de praktijkopleiders hoger dan de controlegroep.

 Na correctie voor enkele vergelijkingselementen uit de steekproef behaalden de opleidingspraktijken ook een significant positievere score op medische uitrusting en hygiëne, taakdelegatie, aanpak van chronische ziekten, risicofactoren voor CVD in het EMD, en praktijkorganisatie en kwaliteitszorg.

Eindelijk is er dus een studie die evidentie aanbrengt voor wat algemeen aanvaard wordt: praktijkopleiders zijn meestal huisartsen die erbovenuit steken. Wellicht geldt hetzelfde voor de Vlaamse praktijkopleiders, hoewel de omstandigheden in Nederland toch verschillend zijn.

Nog enkele bemerkingen bij deze studie. Een ultieme aanduiding van geneeskundige kwaliteit is de gezondheidstoestand en het welbevinden van de patiënt. Deze kwaliteitsindicator van de klinische toestand van patiënten werd niet gemeten en gerapporteerd. Uit deze bevindingen kan ook geen oorzakelijk verband gedetecteerd worden: zijn het de betere huisartsen die praktijkopleider zijn of leveren praktijkopleiders betere kwaliteit omdat ze opleiding geven en zelf ook krijgen? We denken hierbij ook aan wat praktijkopleiders van hun stagiair of huisarts in opleiding kunnen leren.

Guy Gielis

Interesse om studenten geneeskunde of huisartsen in opleiding te begeleiden?

Huisartsen die zin hebben om mee te investeren in de opleiding van (huis)artsen kunnen steeds contact opnemen met de verantwoordelijken voor de huisartsenstages aan de verschillende universiteiten: