Aanbeveling

  • Reik binnen een therapeutische arts-patiëntrelatie, met voeling voor de voorgeschiedenis, de context en de klacht van de patiënt, informatie en ondersteuning aan. Streef naar een geïnformeerde toestemming over de behandeling (Grade 1C).
  • Bij ernstige depressie of bij recidief is eveneens ondersteuning van familie en betrokken zorgverleners aangewezen (GCP).
  • Onderneem bij depressieve klachten en bij alle depressies de volgende maatregelen:
    • besteed, indien nodig, aandacht aan slaaphygiëne (GCP);
    • doe aan ‘active monitoring’: volg de betrokkene, ook indien hij geen formele interventie hoeft of wil, actief op (GCP);
    • bespreek dagstructurering (GCP) en activiteitenplanning (Grade 1C).

Toelichting

Ondersteuning van de patiënt

Geef informatie over de symptomen, de mogelijke oorzaken en de prognose. Leg bij depressieve klachten uit dat zij vaak voorkomen en meestal van voorbijgaande aard zijn. Soms zijn de klachten gerelateerd aan problemen of zorgen op belangrijke levensgebieden (gezin, relatie, werk, gezondheid,...) en is het goed om te kijken of die problemen aangepakt kunnen worden. Leg bij een depressie uit dat meerdere factoren (familiale factoren, biologische factoren, sociale problemen, traumatische (verlies)ervaringen,…) een rol kunnen spelen bij het ontstaan en recidiveren van een depressie.
Geef informatie over het beloop: 60% is na een half jaar hersteld. Maak duidelijk dat de patiënt invloed kan uitoefenen op het herstel; een actieve houding en levenswijze hebben een gunstige uitwerking. Terughoudendheid in het gebruik van alcohol en drugs is belangrijk om het herstel te bevorderen.

Bij patiënten met een migratieachtergrond kan zich een taalprobleem voordoen en is het gebruik van een professionele tolk, d.i. iemand die niet bekend is met de betrokkene, aangewezen. Deze tolk kan live aanwezig zijn of via een telefonische tolkendienst ingeroepen worden.

De volgende, op het internet beschikbare, folders zijn een uitstekende aanvulling en ondersteuning van uw informatie:

VVGG (Vlaamse Vereniging Geestelijke Gezondheidszorg): http://issuu.com/ggvlaanderen/docs/vvgg_depressie_2008

Geestelijk Gezond Vlaanderen: www.geestelijkgezondvlaanderen.be/depressie

Voor een professionele telefoontolk in Vlaanderen, zie Ba-bel, Vlaamse Tolkentelefoon, via www.vlaamsetolkentelefoon.be.

Ondersteun de patiënt en werk in een vertrouwensrelatie die een niet-moraliserende, hoopvolle en optimistische houding weerspiegelt.
Stel de verschillende behandel- en ondersteuningsmogelijkheden voor – zowel wat die inhouden als wat men ervan kan verwachten – vooraleer effectief met een behandeling te starten (geïnformeerder toestemming).

Ondersteuning van familie en betrokkenen

Voorzie in degelijke, en bij voorkeur geschreven, informatie. In de reeds vermelde folder van de VVGG staan tips voor partner, familie en vrienden: http://issuu.com/ggvlaanderen/docs/vvgg_depressie_2008.

Bespreek eveneens de draagkracht en de mentale en fysieke gezondheid van de betrokkenen. Geef informatie indien voorhanden (bv. www.similes.be) over plaatselijke ondersteuningsinitiatieven voor families en zorgverleners. Bespreek met de betrokkenen de mate van vertrouwelijkheid bij het delen van informatie.

Algemene maatregelen

  • Slaaphygiëne: voor meer info, zie de Domus Medica-aanbeveling ‘Aanpak van slapeloosheid’ via volgende link: www.domusmedica.be/slapeloosheid.
  • ‘Active monitoring’: bespreek de zich stellende problemen, geef informatie en stel een volgende afspraak voor, normaal gezien binnen de twee weken. Contacteer de betrokkene als hij de vervolgafspraken niet nakomt.
  • Dagstructurering en activiteitenplanning: regelmaat en dagelijkse structuur hebben een positieve invloed op het herstel. Adviseer de patiënt met een depressie of aanhoudende/toenemende depressieve klachten een plan op te stellen voor dagstructurering (min of meer vaste tijden van opstaan, gaan slapen en maaltijden) en bespreek ook een plan voor andere activiteiten, waaronder professionele activiteiten. Tenzij het werk een belangrijke oorzaak van de depressie is, kan doorwerken beter zijn dan thuis blijven. Dit is afhankelijk van de ernst van de depressie en de haalbaarheid van de verantwoordelijkheden op het werk. Laat de patiënt eventueel met een dagboek, weekschema of agenda werken.

Belangrijk is dat het dagprogramma haalbaar is en dus ‘succeservaringen’ kan opleveren. Besteed aandacht aan een goede balans tussen ‘taken’, ‘plezierige activiteiten’ en ‘ontspanning’. Deze balans is belangrijk omdat depressieve patiënten doorgaans weinig plezierige activiteiten ondernemen, waardoor een neerwaartse stemmingsspiraal meer kansen krijgt. Begin met het probleem ‘te weinig plezierige activiteiten’ aan te geven en met het formuleren van een haalbaar doel, bijvoorbeeld (minimaal) één (eventueel voorheen) plezierige activiteit per dag of per week. Stimuleer de patiënt om zelf na te denken over mogelijkheden en de voor hem meest passende oplossing te kiezen. De taak van de huisarts is niet zozeer om het dagprogramma in te vullen, maar om de patiënt te stimuleren zelf zijn/haar activiteiten te bedenken en om de haalbaarheid en de balans te helpen bewaken.

Adviseer om dagelijks even buitenshuis te zijn, gezond te eten en sociale contacten te onderhouden. Adviseer fysieke activiteit, omdat dit bijdraagt aan een positief gevoel en een betere conditie. Hou uiteraard rekening met de fysieke gesteldheid maar ook met de belangstelling van de patiënt. Het kan helpend zijn om bij het opstellen van het dagstructureringsprogramma de mantelzorgers van de betrokkene te betrekken.
Vanuit de patiëntenbevraging is tevens de terechte opmerking gekomen om in het kader van het installeren van dagstructurering en activiteitenplanning de nodige vervolgafspraken te voorzien.


Basis van de aanbeveling

De aanbevelingen over informatie, ondersteuning en geïnformeerde toestemming zijn gebaseerd op de NICE-richtlijn en conform de NHG-standaard.85 NICE geeft geen onderbouwd wetenschappelijk bewijs. NHG baseert zich op een onderzoek van Prins naar de zorgbehoefte bij patiënten met depressie of een angststoornis in de eerste lijn. Er bleek behoefte aan informatie over de aandoening, behandelmogelijkheden en beschikbare voorzieningen. Voorlichting van de patiënt en het laten participeren in de beslissing van de therapiekeuze blijken de compliance te verhogen en een gunstiger therapeutisch resultaat te geven. Dat blijkt ook uit kwalitatief en observationeel onderzoek. Een systematisch literatuuroverzicht suggereert dat het type van behandeling minder belangrijk is dan dat de patiënt deelneemt aan een (gestructureerd) therapeutisch programma.

De aanbeveling over ondersteuning van familie en zorgverleners is gebaseerd op de NICE-richtlijn en gebaseerd op consensus.

De aanbeveling over slaaphygiëne en ‘active monitoring’ is eveneens gebaseerd op de NICE-richtlijnen en is gebaseerd op consensus. NHG geeft gelijkaardige adviezen.

De aanbevelingen rond activiteitenplanning en dagstructurering zijn overgenomen uit de NHG-standaard Depressie en respectievelijk gebaseerd op consensus en een meta-analyse van gerandomiseerde effect studies van Cuijpers. De meta-analyse toont een verschil in effect grootte van 0,87 (95%-BI: 0,60-1,15), wat als groot wordt beschouwd.