Overzicht soorten vennootschapsvormen

BVBA (meest gebruikte vennootschapsvorm)

In een BVBA moet er minimaal één vennoot zijn.  Er is een minimumkapitaal vereist .

Dankzij de BVBA is er een bescherming naar het privévermogen ( voor artsen is dit niet het geval wat betreft beroepsaansprakelijkheid ). Wel opletten : als de BVBA slechts door één persoon wordt opgericht, dan moet deze enige vennoot een natuurlijk persoon zijn.

De BVBA zorgt ervoor dat de vennootschap besloten blijft m.a.w. dat er niet plots ongewenste personen tot de vennootschap kunnen toetreden.  Daarom is deze vennootschapsvorm interessant voor vrije beroepen.

In geval van een faillissement binnen drie jaar na oprichting moet dit verantwoord worden met een financieel plan.  Aan te raden is om dit samen met een boekhouder op te maken. De inbreng van kapitaal in de vennootschap kan gebeuren in geld of met goederen.  Er zijn wettelijke minima bepaald en bij de oprichting moet men kunnen bewijzen dat de gelden geblokkeerd zijn op een rekening bij de bank.  Dit wordt het bankattest genoemd.

Na de oprichting zal de notaris de rekening laten deblokkeren. Denk eraan dat de naam van de vennootschap origineel dient te zijn.  Eveneens moet je beslissen op welk adres de vennootschap haar zetel zal hebben. Een zeer belangrijk aspect is wie de vennootschap zal besturen.  Vaak zijn dit de vennoten zelf, maar dit kan ook iemand extern zijn. In een bvba kunnen dit één of meer personen zijn.

De vennootschap moet een welbepaald statutair doel hebben.  Dit is de geplande activiteit van de vennootschap. Omschrijf dit best voldoende ruim. Na ondertekening van de oprichtingsakte zal de notaris via een digitaal loket de vennootschapsakte neerleggen en in principe binnen de 24 uur het ondernemingsnummer ontvangen. 

Tot slot moet je de vennootschap nog inschrijven bij een ondernemingsloket en het btw-nummer aanvragen.

 

CVBA/CVOA: coöperatieve vennootschap

Bij associaties kan het ook interessant zijn te kiezen voor een coöperatieve vennootschap.  Een coöperatieve vennootschap is een vennootschap die bestaat uit een veranderlijk aantal vennoten met veranderlijke inbrengen en een variabel kapitaal.  Belangrijk is het uit- en toetreden van de vennoten vast te leggen.

Twee vormen, waarvan om evidente redenen van beperking van de aansprakelijkheid, meestal voor de eerste vorm gekozen wordt.

Voor een coöperatieve vennootschap zijn ten minste drie vennoten vereist. Er is een minimaal kapitaal vereist.  De statuten bepalen de voorwaarden om vennoot te worden, hier is dus maatwerk mogelijk. De CVBA wordt bestuurd door één of meerdere bestuurders, benoemd voor bepaalde of onbepaalde duur.  Benoemingswijze/ontslagprocedure wordt in de statuten geregeld.

Zijn de risico’ s verbonden aan de gevoerde activiteit gering, dan kan een CVOA overwogen worden.  Dit is een soepele rechtsvorm: de oprichtingsakte kan onderhands opgesteld worden, er is geen minimumkapitaal vereist…..nadeel: de vennoten zijn onbeperkt aansprakelijk!

    

VOF (vennootschap onder firma)

De VOF is een vennootschap, aangegaan tussen hoofdelijk aansprakelijke vennoten met als doel een burgerlijke of een handelsactiviteit uit te oefenen.  Een VOF telt minimum twee vennoten, er is geen minimumkapitaal, kan een voordeel zijn als men bij start de middelen niet heeft om een BVBA op te richten.  De vennoten zijn wel hoofdelijk en onbeperkt aansprakelijk voor de schulden van de vennootschap.  Een VOF kan opgericht worden met onderhandse akte.

 

Commanditaire vennootschap

Bij artsenvennootschappen komt deze vennootschapsvorm niet vaak voor. De commerciële vennootschap is interessant wanneer iemand een activiteit wil starten maar niet de financiële middelen hiertoe heeft.  De commanditaire vennootschap heeft een minimum aan verplichtingen, maar biedt de voordelen van een volwassen vennootschap.

 

Een ESV (economisch samenwerkingsverband)

Een economisch samenwerkingsverband is een vennootschap die kan worden opgericht door natuurlijke personen of door rechtspersonen, met rechtspersoonlijkheid, waarvan fiscaal abstractie wordt gemaakt, wat interessant is bij het aangaan van een associatie.

Deze vorm komt niet zo vaak voor.

VZW als vennootschapsvorm

Een vzw is een groep van minstens drie natuurlijke of rechtspersonen die belangeloos een doel nastreven.  Dat wil zeggen dat de leden van de vzw geen “stoffelijke” voordelen mogen genieten.  Het gemeenschappelijk project wordt geconcretiseerd in de grondbeginselen van de organisatie, de zogenaamde statuten.

In tegenstelling tot andere types verenigingen (nv, bvba,…) vereist de oprichting van een vzw geen inbreng van startkapitaal.  Er zijn wel een aantal boekhoudkundige verplichtingen.

Ook de statuten houden verplichte vermeldingen in:

  • Het doel van de vzw
  • De naam van de vzw is vrij te kiezen, maar mag nog niet bestaan
  • De rechten en de plichten van een toegetreden lid
  • De bevoegdheden en de wijze van bijeenroeping van de algemene vergadering en de manier waarop haar beslissingen aan de leden en aan derden wordt meegedeeld
  • Regels over de benoeming, afzetting en ambtsbeëindiging van de bestuurders
  • Afspraken over de omvang van hun bevoegdheden, de wijze waarop zij worden uitgeoefend en de duur van elk mandaat
  • Het maximumbedrag van de bijdrage voor hen die willen toetreden tot de vzw
  • De vermelding van e bestemming van de activa die volgen uit de vereffening van de vzw
  • De duur duur van de vzw als deze niet onbeperkt is

De leden van de vzw zijn beperkt aansprakelijk- hun eigen vermogen is geenszins verbonden met de vzw.  De bestuurder van de vzw kan echter wel aansprakelijk gesteld worden wanneer er sprake is van wanbeleid. Derden kunnen vzw-bestuurders aansprakelijk stellen wanner zij kunnen aantonen dat bestuurders een onrechtmatige daad begaan hebben.  Fout/schade en oorzakelijk verband dienen dan bewezen te worden.

Voor de oprichting van een vzw dient er geen startkapitaal te worden verzameld.  De enige kost is de publicatiekost voor vermelding in het Belgisch Staatsblad. Ook wijzigingen in de statuten of in de raad van bestuur van een vzw moeten gepubliceerd worden in het Belgisch Staatsblad en zijn onderhevig aan de publicatiekost.

Deze vennootschapsvorm komt voornamelijk voor bij praktijken die forfaitair werken.