Huisarts ver te zoeken in beleidsnota Beke

21 nov 2019
Minister Wouter Beke - foto ©Valerievn

Hoewel de huisarts betrokken is bij meerdere aspecten van het Vlaamse gezondheidsbeleid, komt de term ‘huisarts’ welgeteld slechts eenmaal voor in de beleidsnota van Vlaams minister van Welzijn en Gezondheidszorg Wouter Beke (CD&V).

Bij het begin van het parlementaire jaar legt elke minister een beleidsnota neer waarin hij aangeeft waarop hij het komende jaar inzet binnen zijn bevoegdheden. Deze week wordt de beleidsnota van Vlaams minister van Welzijn en Gezondheidszorg Wouter Beke (CD&V) besproken in de bevoegde commissie. Het begrip ‘huisarts’ komt in die beleidsnota slechts eenmaal voor. “Dankzij de eerstelijnspsychologische functie, waarbij de huisarts het eerste aanspreekpunt is, kunnen mensen snel en laagdrempelig basisondersteuning krijgen”, luidt de zinssnede over geestelijke gezondheidszorg waar de huisarts in wordt genoemd. Nochtans haalt de minister wel wat doelstellingen aan waar hij de huisarts zeker kan bij betrekken.

Zo wil Wouter Beke verder inzetten op het realiseren van een ‘gezond leven’. Hij kondigt onder meer concrete acties aan om de opmars van obesitas en diabetes tegen te gaan, en ook het aantal rokers moet verder dalen. Preventie van suïcide en geestelijke gezondheidsproblemen blijft een ander speerpunt van de Vlaamse overheid. Nog een bevoegdheid die Beke verder wil versterken, is het vaccinatiebeleid. Daarbij denkt hij aan een uitbreiding van het vaccinatieschema op basis van gegevens van de Hoge Gezondheidsraad.

Een belangrijk project voor de komende jaren wordt de “stroomlijning van de eerste lijn met het oog op een geïntegreerde zorg en dienstverlening”. Vanaf 1 juli volgend jaar worden de lokale zorgraden van de zestig eerstelijnszones formeel erkend en gaan ze aan de slag met de uitvoering van de opdrachten die hen in het decreet zijn toegewezen. “De hervorming van de eerstelijnsgezondheidszorg wordt verder uitgerold. De stem van de zorggebruiker moet hierbij centraal staan. We maken werk van een eigentijds overlegsysteem en bouwen dynamisch verder aan eigentijdse, slagkrachtige en efficiënte eerstelijnszones waarbinnen de eerstelijnsactoren zorgstrategisch vraag en aanbod op elkaar afstemmen en in balans houden en een integrale zorgbenadering voorzien”, luidt het in onvervalst Wetstratees. Tegen 1 juli 2021 moet de Vlaamse regering de afbakening van de regionale zorgzones definitief vastleggen en de samenstelling, werking en inhoudelijke taakstellingen van de regionale zorgplatformen regelen. De huidige structuren op dit niveau (palliatieve netwerken, Logo’s, Vlaamse netwerken GGZ, expertisecentra dementie) organiseren zich binnen deze nieuw afgebakende werkingsgebieden en schakelen zich in de structuur van het regionale zorgplatform in tegen ten laatste 1 januari 2022. De regering erkent wel het belang van zelfstandigen en vrije beroepen in de realisatie van kwaliteitsvolle en toegankelijke gezondheidszorg, in het bijzonder in de eerste lijn. “We waken erover dat in de hervormingen voldoende aandacht gaat naar hun noden en uitdagingen.”

Wouter Beke wil een Vlaams actieplan ontwikkelen voor vroegtijdige zorgplanning, palliatieve zorg en levenseindezorg (waaronder euthanasie) en werk maken van transparante informatie daarover. “We voorzien de nodige middelen voor de palliatieve thuisbegeleidingsequipes, de LEIF-punten (LevensEinde InformatieForum) en de palliatieve functies in de woonzorgcentra”, aldus Beke.

Filip Ceulemans